Gezegde uit India
Dit is een straat. En niet zomaar een straat. Sinds die ene film met de schattige stotterende Brit is dit DE buurt in Londen geworden. Althans voor de toeristen. De toeristen die, na de film gezien te hebben, massaal afstruinen op dit schattige dorpje in de stad. Ze nemen overal foto's van en kopen te dure produkten op de overbevolkte en gezellige markt. Ze zoeken het boekwinkeltje en stalken de o zo bekende kapper door zichzelf aan de ramen te plakken. Een schandelijk display. En ik was die middag een van hen.
Sinds de film heb ik de beelden van Notting Hill niet meer uit mijn geheugen weten te krijgen. Het zag er allemaal zo leuk en aandoenlijk uit, het had iets romantisch. Uiteraard was het te romantisch en te leuk in beeld gebracht want het is en blijft een romantische komedie. Maar laat ik nu net een 'sucker' voor romantische komedies zijn. Ik pakte mijn biezen en reisde Hugh en Juul achterna.
Ik stapte uit bij Notting Hill gate en liep met de stroom mee naar Portobello road. Het is echt een toeristenoptocht geworden, maar dat kon voor mij de pret niet drukken, ik denk dat ik net als alle andere mensen daar opzoek was naar hetzelfde. Een stukje herkenning uit de film. We liepen verder en het werd steeds drukker. Op een gegeven moment kwam er een bord inzicht ' Portobello Market'. Ah, ik zat in de goede richting. Verschillende kraampjes doemden al op in het nabijkomende straatbeeld. Voor ik het wist stond ik op de markt en was het een drukte van Jawelste. Hier en daar werd ik platgedrukt door karretjes, kraampjes en andere mensen. Ik stond stil en keek goed om mij heen om een goed beeld te krijgen van het geheel, ik probeerde duidelijke foto's van de markt te maken als herinnering voor thuis.
Het had wel iets aparts over zich heen, Notting hill en de Portobello Market. Wat vreemd is was dat het niet echt leek op een toeristische trekpleister maar dat was het wel, in grote mate wel te verstaan. Ik baande, samen met mijn reisgenoot, een weg over de straat, tussen de kraampjes en mensen door. Overal langs de weg stonden kraampjes met allerlei verschillende produkten van (inderdaad) antiek tot dagelijkse spullen en etenswaren. Ik bleef bij elk kraampje wel een beetje hangen om rond te kijken maar ik keek vooral naar de mensen om mij heen en de mensen van de markt. Notting Hill heeft iets heel erg gezelligs over zich heen, iets heel huizelijks en bekend, en dat maakt dat het er zo leuk is. Ik wilde er eigelijk niet meer weg, ik kon nog wel een uur of drie over de markt slenteren, maar zoveel tijd hadden we helaas niet.
Het was echt berendruk, en dan ook echt druk, overvol, en onpraktisch. Op een gegeven moment schuivelden we met ze allen voetje voor voetje vooruit terwijl een afvalwagen voor ons zijn weg door de menigte probeerde te vinden. Heerlijk, die onpraktische acties. Maar het voetje voor voetje principe geeft je de tijd om eens goed om je heen te kijken en te zien wat voor lui en er nu eigelijk op de markt staan. Dan spelen we altijd het spelletje ' wel een native, niet een native'.

We bleven hier en daar stil staan bij een kraampje en kochten nutteloze dingen die we daarna nog maar weinig zouden gebruiken maar toch heel leuk zijn. Ik kocht een muts die ik hier in Nederland niet op zou durven zetten, echt flateus is het geval niet, maar destijds leek het een geweldig idee, zoals altijd in het buitenland. Ook kocht ik een klein leren gebonden boekje waarin ik nu nog regelmatig goede one-liners in opschrijf, maar een echt nut heeft het niet. We hebben lang stil gestaan bij een kraam met bakken cd's voor 2 pond. Nina Simone en Jimmy Hendrix grepen onze aandacht en blij vertrokken we weer verder. Toen zagen we ons Mekka in het buitenland.. De plek die we in Nederland niet kunnen vinden maar o zo heilig is voor ons: Starbucks. Starbucks geeft ons automatisch het ultieme 'weg zijn' gevoel. Als we Starbucks instappen zijn we direkt in de hemel. En het mooiste daarvan is, is dat we niet eens koffie drinken! We nemen altijd standaard warme chocolade melk met slagroom, en die is ook echt heel erg lekker.. We hebben de dagen daarna in heel londen wel 20 Starbucksvestigingen bezocht, elk met een eigen verhaal.
Het was een kleine vestiging, maar heel gezellig, we konden makkelijk kijken naar de drukte op straat, ook hier kwam mijn favoriete hobby ' mensen kijken' weer goed aan bod.
We liepen nog even door de straten en zagen de kapper die zo bekend is uit de film. We hebben er nog even voor stilgestaan. Wat mij nog het beste bijstaat van dat moment is het bord ' Please no pictures' op het raam. Dus helaas, geen cookiemonster foto, maar zo boeiend zag dat er ook niet uit. Notting Hill bezoeken gaat vooral om de sfeer, voor de geluiden en voor de geuren die je er vind. Het is iets wat je niet snel ergens anders tegenkomt, het heeft iets gezelligs en iets huiselijks terwijl je het nog nooit gezien hebt. Daarom was het ook moeilijk om er weg te gaan. We liepen weer terug naar het kruispunt, nog een keer omkerend om te kijken naar de menigte op de markt, richting Notting Hill gate, terug naar de metro.
De laatste tijd bevind ik mij steeds meer op plekken waarvan ik nooit dacht dat ik mij daar zou kunnen bevinden. Maar die plekken kruipen de laatste tijd toch weer heel gnieperig mijn leven in en voor je het weet sta ik in de spoelkeuken van een grand-cafe. Ik zal niet de naam van dit Cafe noemen want dit zou haar reputatie voorgoed verpesten. Eigelijk is dat des te meer een reden voor mij om het wel te noemen gezien mijn verleden met dit bedrijf, maar ik ben integer en houd mijn mond. Misschien ook beter voor mij. het concept spoelkeuken is mij nooit duidelijk geworden, ik heb er nooit over nagedacht, ik wist alleen dat het zo erg deprimerend klonk dat ik wenstte dat ik er nooit hoefde te zijn. Helaas, dubble failure: daar stond ik.
Oke oke, het heet eigelijk Parc Guell maar in mijn herinneringen staat het geregistreerd als "Parc kwelling'. Het was aan het eind van de speurtocht dus we hadden het een beetje gehad met de bezienswaardigheden, we vonden het strand veel aantrekkelijker op dat moment. Toch wilde we een kijkje gaan nemen in dit bekende parc dus we waagde het erop en gingen op pad. Het was weer even een eindje met de metro, door de angstaanjagende gang van Passeign de gracia maar na een half uurtje met de metro en een tochtje omhoog te voet (A.K.A nooit meer) waren we toch bij de ingang van Parc kwelling aangekomen. Nouja, ingang, het begin van de 20 trappen naarboven. Vanaf een afstand zagen we gelukkig roltrappen om ons de kwelling van de trappen te besparen. Naarmate we de trappen naderden zagen we tot onze grote ironische schrik dat de roltrappen voor een groot deel stuk waren. motivatie daalde weer een stukje, het strand werd steeds aantrekkelijker. Maar nee, we wilden het zien, dus wij begonnen de trappen te beklimmen. Buiten adem, oververhit en 'uitgedroogd' (zelfmedelijden) kwamen we boven en konden we het park inlopen.
Al snel liepen we tegen het eerste bouwwerk aan: een tunnel geinspireerd door de slurfen van een olifant. Om eerlijk te zijn vond ik het niet een zevende wereldwonder maar het was wel mooi om te zien. Ook het grote plein met de lange bekende bank zijn we opgelopen. Daar stortten we ons op een stukje lange bank en begonnen om ons heen te kijken. Mensen kijken blijkt dan toch weer vaak een hobby van ons te zijn. Nadat we enkele creatieve kiekjes hadden genomen probeerde we weer op te staan. We bleven toch nog even zitten. We bekeken de bank en het uitzicht aandachtig en vonden even een momentje rust om toch even het te 'ervaren'. Soms vergeet je even te ervaren waar je bent, en dat is zonde van je reis. Je moet altijd even een momentje nemen om het te 'zien'.
na enkele liters water achterover gegooid te hebben liepen we weer verder. We leken wel een soort pelgrims, van die soort die om elke meter de grond aanraken, maar dan niet uit respect maar uit vermoeidheid. gebouw, na gebouw, na natuur en natuur oee, aaa, schitterend. En het was oprecht mooi, het strand oogte echter mooier op dat moment. Dus na een tijdje deze guelling te hebben doorstaan hebben we besloten het Parc voor gezien te beschouwen en hebben we onze reis voortgezet naar het strand. We waren blij toen we daar lagen. Daar heb ik uiteindelijk het parc pas echt goed bekeken, vanachter mijn zonnebril, in mijn gesloten ogen..
Casa Batllo.. Het strandhuisje van Gaudi. het is geen strandhuisje, het staat niet aan het strand, het staat in de stad. Het is meer een zeehuisje. Alles in en om het huis is geinspireerd door de zee en haar inwoners. Alles in de vorm van golven, koraal en planten. Als je fan bent van de kleine zeemeermin moet je hier zeker in gaan rondlopen, je wilt er direct intrekken, althans dat wilde ik wel.
Voor deze foto moest ik op straat gaan liggen. Oke, mijn reisgenoot moest op straat gaan liggen, ik ook hoor alleen staat mijn foto nog op een rolletje.


Nadat we het bruggetje hadden we overgestoken begonnen we weer aan een lange reis van 'swirley stares' naar beneden. Dit keer ging het een stuk sneller. Ik merkte echter wel snel dat naar beneden lopen mij iets minder lag dan naarboven lopen. Regelmatig ging mijn voet daar waar ik hem niet wilde en kon ik stuiterend het trappetje af gaan. Maar dan was mijn wederreishelft daar om als concentratiepunt te fungeren. het trappetje begon weer te duizelen en je raakt in een soort trance als je even niet oplet, erg amusant, vooral voor diegenen die iets hebben met kleine ruimtes en angstaanvallen, dan moet je daar vooral echt even een bezoekje aan brengen.
Je voelt je ook een ware held als je eenmaal de uitgang vind. Dan kijk je trots richting de mensen die in de rij staan voor de lift ' Ik heb de trap genomen, ben ik niet goed?'. Ja, ik was waarlijk trots op mijzelf en mijn reisgenoot, wij hadden als goede Hollanders alles eruit gehaald wat erin zat, we faced the swirley stares dead on and we survived. Zijn wij niet geweldig?
Oppeens heb ik Colplay opstaan. How did that happen? Ik luister nooit naar Coldplay, dus hoe komt het op mijn computer terecht? Mysterie. Terwijl ik een log lees van iemand in Australie luister ik naar deze mannen die tamelijk hees en high-like ' We live in an beautiful world' zingen. Bedoelen ze dat nu ironisch? Want het klinkt niet echt gemeend namelijk, en daar kan ik mij wel wat bij voorstellen. Is de wereld mooi? Voor hun waarschijnlijk wel. Iedereen kent Coldplay wel geloof ik, en daardoor hebben ze nu genoeg geld om de wereld zo mooi mogelijk te laten lijken voor henzelf. Maar zouden zij echt zo oppervlakkig zijn? Van dit soort zweef-hees-high band zou je toch iets anders verwachten, iets meer anti-beautiful world. Misschien ligt het aan mij. Ik luister maar weinig naar de teksten van nummers, alleen de heel duidelijk uitgesproken woorden worden door mijn oren opgevangen. Waarschijnlijk zal een vriendin morgen aan mij vertellen wat het nummer ECHT betekent, aangezien zij altijd luisteren naar de tekst en er ook over nadenken. Ik ben al blij met een aandoenlijk deuntje.
Soms kom je oppeens op een plek waarvan je gewoonweg weet dat je daar op dat moment gewoon moest zijn: het lot aan het werk. Voor mij was dat gevoel er van het weekend, maar dan met een vleugje ironie om de boel op te vrolijken. Ik moest daar zijn en had er tegelijkertijd niets te zoeken, dat maakt het juist op dat moment zo amusant. Ik was met mijn moeder de stad in gegaan, iets wat zich zelden voordoet. Zij wilde graag naar Scheltema om naar boeken te kijken. Prima, mij mag je altijd een boekwinkel in slepen, ik kan daar wel een uurtje ronddwalen. Maar vaak gebeurt bij dit soort gelegenheden belanden mijn moeder en ik op verschillende verdiepingen. Zij op de 5e en ik op de 3e, ik heb nu eenmaal niet zoveel voorkeur voor boeken over Management en organisaties, maar dat terzijde.
De laatste dagen ligt mijn buurtje onder een dikke 'witte' koude deken. Ja, het ziet er mooi uit vanachter je raam maar vraag mij alsjeblieft niet om een paar stappen buiten de deur te verzetten, ik vind dat echt niet te doen. Maar oke, je hebt een leven, dus oke, af en toe waag ik een voetje over de drempel, maar met veel moeite en tegenzin. Daarom was ik vandaag zo verheugd om te horen dat deze 'prachtige' sneeuw de komende week gaat wegsmelten zodat de straat weer zijn nut kan bewijzen. Heerlijk..Ik was het echt zat. Wat gebeurt er toch in de jaren der volwassenheid dat zoveel mensen de pest pokke rothekel krijgen aan sneeuw.